Marianne Bulletin 186 – september 2015

Artikelen:

Bij de voorpagina – Roelof van der Kamp

Een veldeel van Yvert 159, links beneden, met een veelvoud aan druk toevalligheden. Te zien zijn onder andere: open 0 aan de onderzijde, 1 zonder vlag , 1 met een gebroken vlag, slechte druk van REPUBLIQUE, FRANCAISE en/of POSTES.

Gezien het aantal zegels geen “mer”, maar een “étang á boire” voor de liefhebbers van dit soort afwijkingen.

Terug naar boven

Historie herhaald. Deel 2 – Hans ten Hengel

Types van de Semeuse Cameé

Oorspronkelijke auteur D. de Vries, hertaald en aangevuld door Hans ten Hengel

Variation Semeuse fond plein avec sol
10 centimes rouge (Yv.no. 134) Start van de verkoop was 13 april 1906. Er worden de navolgende typen onderscheiden:

  • Type I: Het lichaam en de rechter arm van de Semeuse zijn zwaar beschaduwd, evenals de bodem waar zij op staat.
  • Type II: De schaduwen zijn minder zwaar; er is meer wit in het zegelbeeld dat bovendien meer contrast kent.

Variation Semeuse fond plein sans sol, inscriptions maigre (Semeuse maigre)

10 centimes rouge (Yv.no.135) en 35 centimes violet clair (Yv.no.136)
De verkoop startte op 28 juli 1906. Vooral in het woord POSTES zijn de letters mager, de letter O van POSTES is breed en wijd, de schuine streep aan de 1 van de waarde aanduiding 10 is kort. Alle Semeuses maigre (dus ook Yv.136) hebben het specifieke kenmerk dat er een vlekje afgedrukt is vlak boven de ceintuur. Er worden de navolgende typen onderscheiden:

  • Type I: Er zijn (bijna) geen (witte) contourlijnen aanwezig tussen de Semeuse en de achtergrond, de tweede E van Republique lijkt op een F.
  • Type II: Er zijn (witte) contourlijnen tussen de Semeuse en de achtergrond, de tweede E van Republique lijkt op een F
  • Type III: (komt alleen voor bij de 10 centimes) De tweede E van Republique zit vast aan de muts van de SemeuseText van document

Variation Semeuse fond plein sans sol, inscriptions grasses (Semeuse grasse)

5 centimes vert foncé (Yv.no.137), orange (Yv.no.158) rose (Yv.no.278b) De navolgende typen worden onderscheiden:

  • Type I (komt voor bij Yv.no.137 vert foncé en Yv.n.o. 158 orange): De Q van Republique heeft een punt onder de O en geen streep van de Q, de bolle beëindiging van de 5 buigt naar binnen, de rechte streep van de 5 eindigt in een grote driehoek.
  • Type IIA (komt voor bij Yv.no. 137 vert foncé en Yv.no. 158 orange): De Q van Republique heeft een streepje als van een Q, de bolle beëindiging van de 5 is mooi rond, de rechte streep van de 5 eindigt in een kleine driehoek.
  • Type IIB (komt alleen voor bij Yv.no. 158 – orange): gelijk aan IIA maar het beeldformaat is 18,25 bij22,5 millimeter.
  • Type III (komt alleen voor bij Yv.no. 278b – rose): De C in de waarde aanduiding heeft een ronde vorm met een lange onderbocht (zoals het Type IV van 10 centimes vert Yv.no. 159).

10 centimes rouge (Yv.no. 138), vert (Yv.no. 159) en outremer (Yv.no.279). De navolgende typen worden onderscheiden:

  • Type IA (komt voor bij Yv.no. 138 – rouge en Yv.no.159 – vert): De Q van Republique heeft een streepje als van een Q, de tussenstreep in de B van Republique is horizontaal, de arcering in de zaaiende hand is regelmatig, de C in de waarde aanduiding is eivormig – heeft een platte rug.
  • Type IB (komt voor bij Yv.no. 159 – vert): als type IA maar de Q van Republique heeft een punt onder de O en geen streep van de Q.
  • Type IC (komt voor bij Yv.no.138 – rouge en Yv.no.159 – vert): de tussen streep van de B in Republique is schuin waardoor het bovenste oog groter is dan het onderste, de derde arcering in de zaaiende hand is gebroken, de C in de waarde aanduiding is eivormig – heeft een platte rug.
  • Type III (komt voor bij Yv.no. 159 – vert en Yv.no. 279 – rose): de C in de waarde aanduiding is rond met een korte onderbocht.
  • Type IV (komt voor bij Yv.no.159 – vert en bij Yv.no. 279 – rose): de C in de waarde aanduiding is rond met een lange onderbocht.

15 centimes brun lilas (Yv.no.189) heeft de volgende typen:

  • Type I: De bovenbalk van de 1 is recht prikkend en mager, de horizontale balk van de 5 eindigt in een driehoek,
  • Type II: De bovenbalk is iets dikker en wat gekromd, de horizontale balk van de 5 eindigt in een verticaal streepje.

20 centimes brun rouge (Yv.no.139) en lilas rose (Yv.no.190) heeft de volgende typeringen:

  • Type I (komt voor bij Yv.no.139): Het formaat is 18 bij22 millimeter. De zaaiende hand lijkt “open”, de 2 heeft een vlakke bovenbocht,
  • -Type III (komt voor bij Yv.no. 139 en bij Yv.no.190): Het formaat is 18,5 bij22,5 millimeter, de 2 heeft een meer ronde, open, bovenbocht,
  • Type IV (komt voor bij Yv.no. 139 en bij Yv.no.190): idem als type III maar er ontbreekt een streepje in het dekkleed.
  • Type V (komt voor bij Yv.no.190): De 2 heeft een spitse insnijding in de bovenbocht.
  • Type VI (komt voor bij Yv.no.190): idem als type V doch het formaat is 19 bij23 millimeter.

25 centimes bleu (Yv.no.140) en jaune-brun (Yv.no. 235) kent de navolgende typen:

  • Type IA: De eironde C van de waarde aanduiding heeft een vrijwel horizontale bovenloop die uitloopt en niet plots ophoudt, de afstand tussen de linker buiten kaderlijn en het dichts bijzijnde punt van het cijfer 2 is één millimeter, de basis van de 2 is fijn in de aanzet en welgevormd, het cijfer 2 is rechtstaande en niet schuins achterover hellend, met een wat grotere bol die een schuine as heeft, het blauw boven de bol in de 2 heeft een ronde beëindiging. Er wordt met een “open” hand gezaaid. Donkerblauwe zegels zijn altijd van het type IA of IB.
  • Type IB: idem als type IA, maar het blauw boven de bol in de 2 heeft een stompe trapeziumachtige beëindiging.
  • Type II: De eironde C van de waarde aanduiding heeft een gebogen bovenloop die stomp, opgetrompt, eindigt en plots ophoudt, de afstand tussen de linker buiten kaderlijn en het dichtst bijzijnde punt van het cijfer 2 is ¾ millimeter, de basis van de 2 is grof in de aanzet en minder welgevormd. De bol van de 2 is bijna rond en met een meer hellende as dan bij type I, het blauw boven de bol in de 2 heeft een afgeronde beëindiging die verder doorloopt dan bij type IA. Er wordt met een dichte hand gezaaid. Alle zegels van dit type zijn lichtblauw.
  • Type III: De C van de waarde aanduiding heeft een rechtere rug die bovenaan minder netjes eindigt dan type II en heeft een rond uitlopende onderbocht, de afstand tussen het dichts bijzijnde punt van het cijfer 2 – dat loodrecht op de horizontaal staat – en de buiten kaderlijn is ¾ millimeter, de basis van de 2 is grof in aanzet maar welgevormd waarbij het rechter deel van de kronkel steiler omhoog gaat dan het linker deel, de bol van de 2 heeft de vorm van een hoekige olijf met een vrijwel horizontale as, er wordt met dichte hand gezaaid, met als extra onderscheid:
    • Type IIIA: als type III, met in het linker kader een opval lende witte lijn van onregelmatige dikte.
    • Type IIIB: Als type III, maar in het linker kader een mage­ re witte lijn, terwijl het kader hoger is.
    • Type IIIC: als type III maar de ontmoeting van de twee rechter buitenbochten van de R in Française is in een scherpe hoek.
  • Type IV: De beëindiging van de C is als bij type I maar niet zo horizontaal, de afstand tussen de buitenste linker kaderlijn en het dichts bijzijnde punt van de 2 is iets meer dan ¾ millimeter, de basis van de 2 is grover dan bij type I maar welgevormd, de 2 heeft geen bol maar een duidelijk van bovenaf beginnende aanzet zodat de vorm van een hart ontstaat, er wordt met “open” hand gezaaid.

30 centimes orange (Yv.no. 141), rouge (Yv.no.160), rose (Yv.no.191), bleu (Yv.no. 192), rouge somber (Yv.no. 360) kennen de navolgende variaties:

  • Type I (komt voor bij Yv.no.141, Yv.no. 160, en Yv.no. 191): De bovenbalk van de 3 meet 1 ¾ millimeter, eindigt driehoekig en is vrij van de zijkant.
  • Type II: de bovenbalk van de 3 meet 2 ¼ millimeter en raakt haast de zijkant van het zegelbeeld, met als extra onderscheid
  • Type IIA (komt voor bij Yv.no. 191, Yv.no.192 en Yv. no.360): de bovenste bocht van de S in Française is open, kort en horizontaal.
  • Type IIB (komt voor bij Yv.no.191, Yv.no.192): de bovenste bocht van de S in Française duikt naar beneden en de beëindiging is eivormig.
  • Type IIC (komt voor bij Yv.no. 192) is gelijk aan type IIA, maar het tweede streepje vanaf de teen gerekend van de linkervoet ontbreekt.
  • Type III (komt alleen voor bij Yv.no. 360): het cijfer 3 heeft een hoger bovenlijf, het cijfer 0 is smaller en ronder dan bij type IIA.

35 centimes violet (Yv.no. 142) en vert (Yv.no.361) kennen de navolgende variaties:

  • -Type I (komt voor bij Yv.no.142): de onderbocht van de eerste S in POSTES is vlak.

  • -Type II (komt voor bij bij Yv.no.142 en Yv.no. 361): de onderbocht van de eerste S in POSTES is oplopend. Ter vergelijk dient Yv.no. 218 (opdruk 25 centimes op 35 centimes – violet) die alleen in type II voorkomt.

40 centimes brun olive (Yv.no.193), vermillon (Yv. no.194), violet (Yv.no.236), outremer (Yv.no.237) kennen het volgende onderscheid:

  • -Type I (komt voor bij Yv.no.193 en 194): De twee uiteinden van de C van de waarde aanduiding liggen op een verticale lijn, de linker naar boven gaande haal van de 4 is iets gebogen naar links.
  • -Type II: Het onderste uiteinde van de C van de waarde aanduiding gaat door de verticaal met het bovenuiteinde en vlakt wat af, de linker opgaande haal van de 4 is recht. Dit type komt bij alle zegels van 40 centimes voor.

Alle overige Semeuses Cameé kennen geen nadere typeringen

Terug naar boven

Merkwaardige zaken op Franse postzegels, deel 3 – Roelof van der Kamp

1939 Kruiser Clemeceau (vervolg)

Naast de fout genoemd in de vorige aflevering is er nog een tweede ontwerpfout in dit zegel. De naam van de politicus waarnaar dit schip vernoemd is, is Clemenceau (zonder het accent op de eerste e zoals de naam op het zegel wordt vermeld).

Dhr. van Rijn heeft op de forumpagina van de website een reactie op de tekst over dit onderwerp in MB 184 gegeven. Daar niet ieder lid van de CFV de website kan bezoeken volgt hieronder de volledige tekst:

Een leuke rubriek, die ontwerp- of uitvoeringsfouten van Franse postzegels aan het licht brengt.

Mijn aandacht werd vooral getrokken door de Clémenceau, om te beginnen al omdat het geen kruiser moest worden maar een slagschip. Slagschepen waren groter, zwaarder gepantserd en hadden aanzienlijk zwaarder geschut dan kruisers. Bij de Clémenceau en zijn zusterschepen Richelieu, Jean Bart en Gascogne zou het gaan om twee vierlingtorens van 38 cm. Dat was het kaliber, de doorsnede van de geschutslopen, en dus ook van de granaten. Het ging om gescheiden munitie: de huls met de voortdrijvende lading en de granaat werden apart van elkaar aangevoerd en in de loop gebracht. De granaat moest de loop verlaten om doelen te kunnen treffen op maximaal 40 km afstand, de lege huls bleef achter en werd uitgeworpen.

Toen de oorlog uitbrak ging de afbouw van de Richelieu en de Jean Bart in de versnelling, ten koste van onder andere de Clémenceau, waarvoor niet voldoende mankracht en materiaal meer was. Toen de Nazi’s Frankrijk binnenvielen, in mei 1940, konden de nog niet afgebouwde Richelieu en Jean Bart ontsnappen naar Noord-Afrika. De Clémenceau was 17 januari 1939 op stapel gezet, op de vrijgekomen plek van de Richelieu diezelfde ochtend. Van de romp was in 1940 slechts een sectie van 130 m van de uiteindelijke 248 m gebouwd. Dat casco had uiteraard geen enkele gevechtswaarde. De Duitsers dachten nog even het schip af te kunnen bouwen maar verwierpen die optie al snel als onrealistisch. Zoals beschreven werd het vernield bij een luchtaanval in 1944 en na de oorlog gesloopt.

De postzegel is uitgegeven ter gelegenheid van de kiellegging en vertoont inderdaad een schip van de voorgaande klasse slagschepen, de Strasbourg en de Dunkerque. Het is de vraag of dat per vergissing was. De zegel moet medio 1938 zijn ontworpen en gegraveerd. Het gezaghebbende overzicht van alle oorlogsschepen, Weyers Taschenbuch der Kriegsflotten, editie 1939, geeft een silhouettekening van de nieuwe klasse die sterk lijkt op de Dunkerque. Het is mogelijk dat Décaris nog niet op de hoogte was van een andere opbouw en dus te goeder trouw het verwachte uiterlijk heeft gegraveerd. Wie in het najaar van 1938 in Brest was gaan kijken, moet hebben kunnen zien dat de Richelieu er anders uit was gaan zien dan zijn voorgangers. Maar Décaris heeft ongetwijfeld moeten werken met schetsen die hem werden aangereikt.

De volgende Clémenceau, van na de oorlog, was overigens geen vliegdekschip, maar een vliegkampschip. Marine terminologie luistert nu eenmaal nauw… Hoe dan ook is het waardevol dat de marine via deze rubriek onder de aandacht komt.

1940 en 1941 Frankrijk overzee.

Met de uitgifte van deze postzegel werd aandacht geschonken aan de koloniën en overzeese gebiedsdelen van Frankrijk. De tekst op de postzegel had moeten zijn “La France d’outremer”, maar door het ontbreken van het streepje tussen outre en mer is de betekenis van deze tekst nu iets als ‘hemelsblauw Frankrijk”. In 1941 werd deze zegel uitgegeven door het Vichy regime, met een hogere toeslag en zonder RF in het medaillon. In feite was dit een postzegel zonder landaanduiding. In 1945 verscheen het zegel weer, met de correcte tekst.

1944 Arc de Triomphe de l’Etoile

Na de invasie van de geallieerden in Normandië functioneerde er een voorlopige regering in de bevrijde gebieden. Deze had aal een serie postzegels laten drukken in de Verenigde Staten. Kennelijk is het aan de aandacht van de Fransen ontsnapt dat de aanduiding op de zegel met de waarde 1F50 1,50 Franc in plaats van 1,50 Francs had moeten zijn. Deze fout komt bij de 2e serie (1945, met zwarte waarde aanduiding) niet voor.

1946 Jean Gerson.

Jean Charlier de Gerson, zoals zijn volledige naam luidt, leefde van 1363 tot 1429. Hij studeerde theologie aan de Universiteit van Parijs vanaf 1383 en promoveerde er in1392. In1395 werd hij benoemd tot kanselier van deze universiteit. Tijdens het concilie van Konstanz (1414 tot1418) speelde hij een belangrijke rol. Op dit concilie werd een eind gemaakt aan het westerse schisma (Rome versus Avignon). Ook werd op dit concilie Jan Hus tot ketter verklaard.
Op de postzegel met zijn beeltenis uitgegeven in1946 inde serie bekende Fransen uit de 15e eeuw, staan zijn geboortejaar en sterfjaar onjuist vermeld.

Met de uitgifte van deze postzegel werd aandacht geschonken aan de koloniën en overzeese gebiedsdelen van Frankrijk. De tekst op de postzegel had moeten zijn “La Franced’outremer”, maar door het ontbreken van het streepje tussen outre en mer is de betekenis van deze tekst nu iets als ‘hemelsblauw Frankrijk”. In 1941 werd deze zegel uitgegeven door het Vichy regime, met een hogere toeslag en zonder RF in het medaillon. In feite was dit een postzegel zonder landaanduiding. In 1945 verscheen het zegel weer, met de correcte tekst.

Terug naar boven

Parijs vanaf de Seine, deel 2 – Julie Morriën

VAN ÎLE DE LA CITÉ NAAR DE TUILERIEËN

We naderen het volgende eiland, het Île de la Cité. Ik laat u eerst een overzichtszegel zien, de recente YT4848 met de Seine, een gemeenschappelijke emissie met China ter gelegenheid van 50 jaar diplomatieke betrekkingen.

Kijken we eerst naar de gebouwen op het eiland zelf, dat zien we op het puntje een ondergronds monument ter nagedachtenis aan de 200.000 Fransen die in nazikampen omkwamen (YT1381).

En dan de alom aanwezige Notre Dame. De kerk werd in de 1e helft van de 14e eeuw voltooid in gotische stijl .Tot de hoogtepunten worden o.m. de roosvensters gerekend. U ziet hier de gravure van zegel YT776 en details uit het roosvenster in de westgevel op Feuille F4714.

De kathedraal kreeg wereldbekendheid door het boek ‘De Klokkenluider van de Notre Dame’ van Victor Hugo (1831) met Quasimodo en Esmeralda in de hoofdrol. Dat was na perioden van restauratie, modernisatie èn verval. Esmeralda staat hier afgebeeld op zegel YT3589.

Vanaf de Boulevard du Palais, ongeveer halverwege het eiland, wil ik u nog even attenderen op de doorkijk naar de linkeroever van de Seine. Daar is het Quartier Latin met o.a. de Boulevard Saint Michel. Aan het begin van die boulevard, op een plein met terrassen en boekwinkels, staat de Fontaine Saint-Michel. Hier op maximumkaart met Lisa 709 van de Salon uit 2008.

Op het tweede gedeelte van het eiland valt met zijn spitse toren de Sainte Chapelle (1248) op, omringd door het Paleis van Justitie, van oudsher de zetel van het Parijse en Franse gezag.

Een afbeelding ziet u op het vignet uit 1932 afkomstig uit carnet ‘La Propaganda-artistique de Paris’. De hofkapel was gebouwd om er de relikwieën van Christus te bewaren die koning Lodewijk IX van de keizer van Constantinopel had verworven. De kapel is helemaal van glas-in-lood met bijbelse voorstellingen die voornamelijk in rood en blauw zijn uitgevoerd. Zo’n 50 jaar na de Franse Revolutie zijn de beschadigde ramen weer vakkundig gerestaureerd. U ziet zo’n raam op YT1492, voorstellende de doop van Judas.

En dan komen we in de voormalige wijk van de goudsmeden, de zogenaamde orfèvres. We zijn op de Quai des Orfèvres waar zich op nr.36 al 100 jaar het beroemde bureau van de rechterlijke politie bevindt.

Getuige zegel YT4796, die zo afkomstig kan zijn uit een politieserie. Maigret had hier zijn kantoor. Zijn portret ziet u afgebeeld op zegel YT2911 met op de achtergrond de Quai des Orfèvres.

Wat verderop komen we bij de Pont Neuf, de oudste brug over de Seine, die altijd wordt geassocieerd met Hendrik IV (YT592). Hij was de eerste die er met zijn paard overheen reed (1607). Zijn ruiterstandbeeld staat midden op de brug. De brug werd aangelegd zonder huizen, maar met hoge trottoirs voor de voetgangers en werd meteen de promenade van Parijs. Het was ook een brug vanwaar men de Seine kon zien en die was op die plaats het breedst. In de inhammen op de brug stonden stalletjes en kramen, er waren acrobaten en rondreizende toneelspelers die de voorbijgangers onderhielden. De brug was kortom het sociale centrum van Parijs en bleef dat tot aan de Franse Revolutie.

De eerste zegel is YT1997 met Henri IV in het Premier Jour stempel. Als u goede ogen heeft, ziet u helemaal rechts op de brug het ruiterstandbeeld. En omdat het zo’n bijzondere brug is, doe ik er ook nog de door Christo & Jeanne-Claude ingepakte Pont Neuf bij (YT4369).

Dat was in 1985 met de bedoeling om zo tot een soort abstractie van het onderwerp te komen. Het was hun grote doorbraak en de voorbereidingen hadden 10 jaar in beslag genomen.

Aan de overkant, op de linkeroever, ziet u de Monnaie de Paris (voorheen Hôtel de Paris), waar de munten worden geslagen (YT3252).

We gaan nu rechtsom over de kade naar de Quai de l’Horloge waar zich het Hof van Cassatie en de Conciergerie bevinden. Het complex met zijn 4 torens biedt steeds weer een prachtige blik vanaf de kade op de rechteroever. De maximumkaart met zegel YT2886 en stempel ‘56ème Salon philatélique d’automne Paris CNEP 8 nov2002’ geeft u daar een goed beeld van.

De Conciergerie was oorspronkelijk de kerker van het koninklijk paleis, maar de bekendste periode is wel de tijd van de Franse Revolutie met Marie-Antoinette als berucht gevangene. U ziet het complex afgebeeld op zegel YT4494 met op het vignet de Tour d’Horloge

èn op Lisa 853, een uitgifte van de Salon du Timbre in Parijs, juni 2010. Daarmee ronden we de bezienswaardigheden van het Île dela Citéaf en varen weer verder. Rechtsom, want links zijn geen bezienswaardigheden meer.

Het eerste dat we dan zien, is het Hôtel de Ville. Het oorspronkelijke gebouw (1628) werd pas 2 eeuwen later met zijn twee zijvleugels uitgebreid, maar tijdens de Commune van Parijs bijna geheel verwoest door brandstichting. Het gebouw dat we op de maximumkaart zien, met gerestaureerde façade in de originele renaissancestijl, dateert uit 1892.

De zegel op de kaart is Lisa 641 van de Salon d’automne uit 2005 en toont de stadhuizen uit Parijs en Stockholm. Een leuk weetje: ze hebben in het stadhuis een replica van de spiegelzaal uit Versailles!

Kijken we wat verder naar rechts, dan zien we ongeveer op deze hoogte de gekleurde buizen van het Centre Georges Pompidou (YT3044).

We varen onder de Pont d’Arcole en de Pont Notre Dame door en zien dan de toren van de Tour St. Jacques. Deze toren is het enige overgebleven restant van een kerk die een relikwie van de heilige Jacobus in zijn bezit had. Het was een historisch vertrekpunt van de pelgrims naar Compostela. Zegel YT4641, hier op maximumkaart, is dan ook afkomstig uit het velletje ‘Les chemins de Saint Jacques de Compostelle’ uit 2012.

We naderen het Châtelet dat in het verlengde van de Pont au Change ligt en aan weerszijden een theater heeft, het Théâtre dela Villeen het Théâtre du Châtelet. Zegel YT1303 uit de serie ‘Comédiens Français’ toont toneelspeelster Rachel (1821-1858), de lieveling van het Parijse publiek. Het initiaal “N” dat u op de brugpeilers van de Pont au Change ziet, refereert aan keizer Napoleon III.

We verlaten het Île dela Citéen varen nu onder de Pont Neuf door. Direct aan de rechterkant, tegenover de kopse zijde van het Louvre, staat de Église Saint Germain l’Auxerrois. Het is een van de oudste kerken van Parijs en was de parochiekerk van de koningen die in het Louvre woonden. De kerk is diverse malen gerestaureerd en heeft daardoor meerdere bouwstijlen. U ziet hem hier afgebeeld op een oude ansichtkaart met op de beeldzijde de 10c roze Semeuse lignée YT129 uit 1903.

Vervolgens komen we aan bij de Pont des Arts, de brug tussen het Institut de France en het Louvre. De zegel met vignet toont zowel de brug als het Institut en is gestempeld op het voor ons filatelisten ‘juiste’ postkantoor (YT4884).

De tweede zegel van de Pont des Arts, met Premier Jour stempel, is naar een tekening van kunstenaar Bernard Buffet (YT1994).

De Pont des Arts dankt haar naam aan het Palais des Arts, zoals het Louvre in 1804 heette toen de oorspronkelijke brug werd gebouwd. Nu is de brug ook reisdoel voor verliefden, want daar ‘bezegelen’ ze hun liefde voor elkaar middels een hangslot aan de brug (de sleuteltjes belanden in de Seine). Als je dat romantisch wilt doen, dan doe je dat natuurlijk op deze romantische plek in Parijs! Maar de brug hangt er inmiddels zo vol mee dat er al een rooster met liefdessloten van de brug is gevallen.

Het wetenschapsinstituut Institut de France vestigde zich in 1805 in het huidige gebouw. Het omvat vijf académies, waaronder de beroemde Académie française. Het Instituut geldt als een uiterst gezaghebbend orgaan van wetenschap. Lidmaatschap is voor het leven en het is een grote eer om als lid benoemd te worden. In 1980 was Marguerite Yourcenar de eerste vrouw die als lid van de Académie Française werd toegelaten (YT2804).

Het 300 jarig bestaan van de Académie des Sciences werd in herinnering gebracht met zegel YT1487 waarop Bernard Le Bovier de Fontenelle is afgebeeld, de secretaris voor het leven. Hij was schrijver en wegbereider van de wetenschappelijke gedachte. Op de achtergrond ziet u de eerste wetenschappelijke bijeenkomst.

We richten onze blikken nu voorlopig even op de rechteroever. Alles wat u daar nu ziet, behoort tot het Louvre! Het enorme gebouwencomplex beslaat in feite de ruimte tussen 3 bruggen, de Pont des Arts, de Pont du Carrousel en de Pont Royal. Het vroegere residentiële paleis begon in 1793 als museum met de koninklijke kunstcollectie en is inmiddels het beroemdste en meest bezochte museum ter wereld De zegelstrook YT2852B die uit 2×2 delen bestaat, is in 1993 uitgegeven ter gelegenheid van deze 200-jarige gebeurtenis.

Topattracties van het museum zijn: het antieke Griekse beeld ‘Nikè’ (de overwinning van Samothrace) (YT355)

en de Mona Lisa (YT4135).

We zijn zojuist onder de Pont du Carrousel doorgevaren en die mogen we niet overslaan, want één van de vier beelden op de brug symboliseert de Seine. De vrouw heeft in haar ene hand een kruik waar water uit stroomt en in haar andere hand (vermoedelijk) een roer (denk aan het wapen van Pa­rijs). En verder is er van deze brug tijdens de Salon van juni 2014 een zegel uitgegeven van het schilderij ‘La Seineau pont du Carrousel’ van Jean Dufy. De galerie die dit schilderij in zijn bezit heeft, heeft er een mooie gekartelde kaart van laten drukken, die op een stapel bij de balies van La Poste lagen. Om er bijvoorbeeld de postzegel met dezelfde beeltenis op te plakken (YT4885).

Zo ongeveer op deze hoogte en over een traject van ruim 2 km (grofweg tussen het Louvre en de Eiffeltoren) zijn de linker kade-oevers ingericht als publieke, recreatieve ruimten waar van alles te doen en te  beleven is op sportief of cultureel gebied. Los van dit project, met de naam ‘Les Berges, la nouvelle Seine’, zijn er al jaren de zgn. ‘Paris Plages’. Op de zegel uit Collector Paris 2009 krijgt u een indruk hoe zo’n strandje er langs de Seine uit ziet.

Voorbij het Louvre richting Tuilerieën staat de Arc de Triomphe du Carrousel uit 1808, gebouwd om de overwinningen van Napoleon I bij Austerlitz te herdenken. De Arc was oorspronkelijk onderdeel van het (niet meer bestaande) Palais des Tuileries. Deze triomfboog is de kleinste op de as van 3 bogen. De twee andere zijn de Grande Arche dela Défenseen de Arc de Triomphe.

Zegel YT1189, hier op maximumkaart, was een reclamezegel voor de bloemententoonstelling van Parijs in het Palais du Centre National des Industries et Techniques. De critici waren niet erg tevreden. De bloemen op de voorgrond waren dan misschien wel kunstzinnig, schreven ze, maar te flets van kleur en niet geschikt voor een postzegel.

wordt vervolgd

Terug naar boven

Franse veilingen –  Henk Kuster

In het voorjaar 2015 hebben meerdere veilinghouders de voorwaarden aangepast. Daaronder Roumet H.P. en Lugdunum.
Tot op heden was de som van de toeslagprijzen tevens het te betalen bedrag. Behoudens eventuele verzendkosten en/ of verzekering. De commissie kwam volledig ten laste van de inzender. Genoemde veilingen hebben nu een opslag op de koopprijs ingevoerd

Het voorbeeld van Roumet Histoire Postal:

FRAIS ACHETEURS: Afin de nous rapprocher d’une pratique commerciale internationale, nous avons décidé d’instituer, à partir du 1er mai 2015, des frais acheteurs s’élevant à 20 % TTC. (zie onder **)
Les offres ne comprennent pas les frais acheteurs. Ceux-ci sont rajoutés au montant total des lots attribués lors de la facturation. (La liste des prix atteints n’en tient pas compte).

**TTC is Tout taxes Compris: dus inclusief TVA => BTW.
Gevraagd naar het totaal van de wijzigingen kreeg ik dit bericht van Verinique Frimermann, commercieel directeur van RHP.

Cher Henk,
Les conditions pour les vendeurs dépendent du type de collection qu’ils nous confient.
Bien sûr, le taux de commission sera variable en fonction de la rareté, la qualité, l’importance de la collection et du nombre de lots à décrire.
Quand tu viendras en septembre, je t’expliquerai tout cela plus en détail.
Si des collègues amateurs de philatélie ont besoin de renseignements, dis leur qu’ils peuvent me contacter direc­ tement par mail ou téléphone afin que je leur explique.
A l’étranger, toutes les maisons de philatélie ont des frais acheteurs. Ce qui leur permet en effet de pouvoir, selon les collections, adapter leurs commissions vendeurs.
Donc, nous aussi, en France, nous avons décidé de mettre en place ces frais acheteurs.
Mais il faut savoir que Christian a répercuté ces frais sur les prix de départ qu’il a baissé d’environ 20 %.
Par exemple, avant, les prix de départ des ballons montés courants étaient de 120 à 150 €. Maintenant, ils sont de 100 à 120 €.
L’acheteur doit ensuite faire son offre et calculer que s’il veut offrir 200 €, il doit diviser par 1.2 pour savoir quelle offre il doit faire : ce sera donc 166 €.
S’il obtient le lot à son offre maximum, il paiera les 200€ qu’il s’était fixé.
J’espère que mes explications vont t’aider et pourront sa­ tisfaire tes amis collectionneurs.
A partir de la rentrée, d’autres maisons de philatélie vont aussi avoir des frais acheteurs et ça devrait se généraliser petit à petit partout.

Kortom, per inzending wordt gekeken naar het belang van het materiaal. Tot op heden werd de commissie vastgesteld naar het bedrag van de opbrengstprijs. Lijkt nog altijd zo, maar de inzetten worden aangepast. Ook wordt vermeld dat andere veilingen ook stapje voor stapje over zullen gaan op het invoeren van deze opslag.
Omdat er niets staat over de kosten voor de inzenders moeten we er van uit gaan dat de marge tussen koper en verkoper vergroot is.

De volgende mededeling zag ik bij Lugnudum:

MODIFICATION OF TERMS OF SALE
To bring us closer to international trade practices, a BUYER’S Premium of 15% inclusive of VAT will be charged on top of the Hammer Price, commencing with our SALE 94.
Bids do not include buyer’s charges. These will be added to the total of successful bids during invoicing.

Tenslotte wil ik nog iets zeggen over de catalogus van de heer Baudot, verschenen in februari dit jaar.
Meerdere eerder niet opgenomen afdrukken (frappes) zijn nu wel opgenomen. Zoals de Du en PP van Querhoent. Zie deze bij departement 40, stad Morbihan. Ook fijn is zijn commentaar bij diverse plaatsen of deze matige afdrukken laten zien dan wel echt zeldzaam voorkomen. Een verbetering t.o.v. de catalogus van Pothion.

Henk Kuster,
maba71vo@kpnmail.nl

Terug naar boven

Marianne Bulletin 1968-2014, deel 6 – Roelof van der Kamp

Dit deel bevat de nummers 86 tot en met 98 (september 1990 – september 1993)

Vaste artikelen in deze nummers zijn de uitvoerige behandeling van Semeuse zegels en de nieuwe uitgiften.

Er zijn twee zaken die de vereniging betreffen in deze nummers: het instellen van de onderscheiding Lid van Verdienste en aandacht voor Franse koloniën door het instellen van een categorie voor deze zegels in het rondzendverkeer. Uitgebreid komt in een artikel Madagaskar aan de orde.

De graveur Gandon overlijdt in 1990, bij zijn nagedachtenis wordt stilgestaan. Het afweken van zelf klevende zegels zou met melk kunnen (die melk daarna niet opdrinken!). Het fenomeen doorloopstempels krijgt in een tweetal artikelen de aandacht. Al eerder werd aandacht besteed aan een rode ster op een envelop, in een tweetal artikelen wordt daarop wederom ingegaan.

Terug naar boven

Uit de bladen – Jos van Zijl

De komende tijd zal ik deze rubriek verzorgen. Ik zal me beperken tot artikelen die relevant zijn voor de verzamelaars van Frankrijk en van Franstalige gebieden. Per kort besproken artikel vermeld ik de omvang hiervan. Bent u hierin geïnteresseerd en is het artikel niet te omvangrijk dan kunt u een kopie van het artikel bij mij bestellen. Bent u een gebruiker van het Internet dan kunt u volstaan met het sturen van een e-mail; u krijgt een scan van het artikel dan via het Internet toegestuurd.

Maakt u geen gebruik van het Internet dan zult u mij op een andere manier van uw wensen op de hoogte moeten stellen en zal ik u via de post een kopie sturen. Hieraan zijn kosten verbonden t.w. 0,05 € per pagina plus portokosten (2 pagina’s 1 postzegel, 2 tot 4 pagina’s 2 postzegels, 4 tot 5 pagina’s etc.)

Als de artikelen groter zijn dan 8 pagina’s zorg ik er voor dat het tijdschrift op de eerst komende bijeenkomst aanwezig is.

Behalve artikelen uit de tijdschriften zal ik ook melding maken van de nieuwe publicaties

Timbres magazine 168, juni 2015.

  • Interessant artikel over de “Lettre journal de Paris, Gazette des Absents” die tijdens de bezetting van Parijs met ballonnen naar de buitenwereld werd verzonden. De blanco derde pagina kon de verzender gebruiken voor persoonlijk nieuws. (2 pag.)
  • Bespreking van het boek van Raphaël Livnat “Jérusalem et la poste française en Terre saint 1843-1914”. (6 pag.)

Timbres magazine 169, juli 2015.

  • Uitvoerig artikel over de zegel van de « Pont du Gard » uit de beginperiode van het gebruik van taille-douce techniek. (4 pag.)
  • Specialistisch artikel over de opdrukken op de zegels van Wallis et Fortuna (1920-1928). Uitvoerig beschikbaar als ebook (105 pagina’s) via rabille.jac@orange.fr  (3 pag.)

DOCUMENTS PHILATELIQUES no.2, 2015

  • -Les premières extensions de la poste pneumatique hors de Paris. (5 pag.)
  • -Les bureaux de quartier de Paris de Janvier 1852 à septembre 1863. Aanvulling op de studie van Jean-Claude Delwaulle uit 1993. (15 pag.)

Postillon nr 216, juni 2015.

  • Dietrich W. Knopp toont hierin aan dat de randversiering op het blok “La Ve République au fil du timbre” uit 2013 vooral diende om vervalsingen te voorkomen: grafisch bijzonder ingewikkeld. (Vergelijk de guilloches op de velranden van “liggend” gedrukte zegels.) (2 pag.)
  • Verder een uitvoerig verhaal over het gebruik van de 2F groen, Marianne van Gandon.(29 pag.)

Nieuws uit Frankrijk.

In het najaar komt de nieuwe catalogus uit van de  A.C.C.P. 2016/2017 waarin vele nieuwe variëteiten.

Deel 3 van de catalogus van de carnets met vignetten “antituberculeux” (1970-2015) is beschikbaar bij de Association Fondation du Souffle (http://www.lesouffle.org) voor € 25,= exclusief porto kosten. De delen 1 en 2 kosten € 45,= per stuk.

In het najaar verschijnt deel 4 bij Yvert van de serie “Carnetiste spécialisé”.

De SO.CO.CO.DA.MI (club van de coins datés) zijn onlangs verschenen:

  • “La Sabinede Gandon, les tirages en feuilles et pour carnets “ 2e editie
  • “La Cote des Coins datés et des Millésimes-­ timbres libellés en francs “, 2015, 76e editie
  • “La Cote des Coins datés timbres libellés de France en €uros “

Nieuwe van de Academie des Philatelistes

« The Postal History of the Type Sage Issue of France 1876-1900) » door Peter R.A. Kelly. 225 pag., A4 in kleur. Prijs : 50 £ betaalbaar via PayPal op het e-mail adres van de auteur, Peterkelly35@btinternet.com.

Het resultaat van meer dan 40 jaar onderzoek naar het gebruik van de zegels van het type Sage. In de laatste 25 jaar van de 19e eeuw zijn deze 43 postzegels getuige geweest van grote veranderingen in o.a. de organisatie, het volume en de methoden van de postbezorging.
Behandeld worden o.a. de pneumatiques, de exprès, de recouvrements, contre remboursement, etc.
Ook de frankeringen, afstempelingen, de strafporten, de service rural, buitenlandse Franse postkantoren, maritieme post e.d.
Elk hoofdstuk is een samenvatting van de actuele kennis van het daarin behandelde onderwerp.

« Affranchissements insuffisants et taxes complémen­ taires dans les échanges des lettres ordinaires entre la France et les pays étrangers(1849/1875) » Door Guy Prugnon, 2013. Format 14,8 x21,4 cm, (61 pag.), zwart/wit. Te bestellen voor 15 € inclusief port bij de uit­ gever : Timbropresse, 6 rue du Sentier 75080 Paris Cedex02.

Het werk behandelt de strafporten van onvoldoende gefrankeerde post naar het buitenland tot de toetreding van Frankrijk tot de U.G.P. Deze periode is in tweeën gedeeld. Het eerste deel beslaat de periode 1849/1856 en is een samenvatting van de in deze periode door Frankrijk gesloten postverdragen. Verdragen voor 1849 met oa. Griekenland, Beieren, Tour und Taxis worden niet behandeld. In deze periode speelde de gebruikte frankering geen rol bij het bepalen van de strafport.

In de tweede periode, 1857/1875 werd de waarde van de gebruikte frankering in mindering gebracht op de strafport. Een methode die al eerder door Groot-Brittanië werd ingevoerd.

Terug naar boven

Achterpagina


Terug naar boven

Viagra kopen online Nederland Kamagra kopen online Silagra online kaufen ohne rezept Cialis kopen online Acheter Cytotec Comprar Xenical online Comprar Priligy genérico